Lekcja Polskiego

Rozumieć is de infinitief van begrijpen.

Vervoeging

Persoon Pools Nederlands
ik (ja) rozumiem ik begrijp
jij (ty) rozumiesz jij begrijpt
hij / zij / het (on / ona / ono) rozumie hij / zij / het begrijpt
wij (my) rozumiemy wij begrijpen
jullie (wy) rozumiecie jullie begrijpen
zij (oni / one) rozumieją zij begrijpen

Voorbeelden

Pools Nederlands
Rozumiem. Ik begrijp het.
Nie rozumiem. Ik begrijp het niet.
Rozumiesz? Begrijp je het?
Ona rozumie. Zij begrijpt het.
Rozumiemy. Wij begrijpen het.
Oni rozumieją. Zij begrijpen het.

Beleefde vormen

Tegen wie Vorm Nederlands
tegen een man Pan rozumie u begrijpt
tegen een vrouw Pani rozumie u begrijpt
tegen een groep Państwo rozumieją jullie begrijpen